Mõis of herenhuis

Mõis of herenhuis


Interieur mois Padise

Stijlvol interieur van mõis Padise. Foto: Stella van Zanten©


En verder rijden we. Onderweg zien we enkele mõis (herenhuizen). Estland telt honderden mõis, alle overblijfselen uit een rijke geschiedenis. Veel landgoederen waren in bezit van de Duits-Balten, rijke Duitstaligen, sinds de 13e eeuw grootgrondbezitters. Sinds de onafhankelijkheid van Estland, in 1991, hebben veel privé-personen en/of (grote) bedrijven de vervallen herenhuizen met veel omliggende grond gekocht en laten restaureren. Veel van dit soort panden zijn hotels geworden, prachtig opgeknapt en een ideale locatie voor een romantisch verblijf. Je zou rustig wekenlang kunnen rondrijden en alleen maar mõis bezoeken. Zoveel zijn het er. De een nog mooier dan de andere. En af en toe een overnachting. In een mõis, bedoel ik. Wel een aparte vakantie, langs de landgoederen van Estland.


Palmse manor (mõis) in Lahemaa national park
Vihula manor (mõis) in Lahemaa national park
Eivere manor (mõis), in de buurt van Paide
Interieur Eivere manor (mõis)

Zo slapen we in 'Eivere', een schitterend, wit gepleisterd, landhuis vlakbij de plaats Paide. Wel moesten we bij boeking al opgeven wat we wilden eten, wat ons nogal bevreemdde; we konden kiezen uit twee mogelijkheden. Maar als we er zijn, begrijpen we waarom. Ongelooflijk, we zijn de enige gasten. We worden hartelijk verwelkomd op de stenen trap, ongestoord lopen we rond in de parkachtige tuin, kiezen de beste plek in de eetzaal met schitterende muurschilderingen, krijgen alle aandacht van de bediening, eten fantastisch en slapen een doodstille, probleemloze nacht. De volgende ochtend nuttigen we een zeer uitgebreid ontbijt in de oergezellige ontbijtruimte; alles smaakt ook even goed. Als we wegrijden, worden we vriendelijk uitgezwaaid. De kamer kost €100 en dan komt de avondmaaltijd er nog bij, maar het is elke cent waard.


Koeien in een stal van een voormalige sovchoz-boerderij
het waterrijke Matsalu national park

Vanaf Eivere rijden we in een 'rechte' lijn naar de westkust, langs veengebieden en moerassen, bossen, open land en vele vervallen gebouwen. Geregeld betreft het stokerijen op voormalige landgoederen, die in onbruik zijn geraakt. Aan een weggetje in het niets liggen koeienstallen. Op de gevel staat het jaartal 1989, dus nog gebouwd in Sovjet-tijd. Maar deze boer heeft zijn eigen koeien, hij maakt alleen gebruik van de stallen voor de toenmalige sovchoz.
We komen door kleine plattelandsdorpjes. Ergens proberen we te lunchen, maar we zien niets dat op een dergelijke uitspanning lijkt. Uiteindelijk komen we in het nationaal park Matsalu, iets ten zuiden van de plaats Haapsalu. Het park bestaat voor de helft uit land en voor de helft uit water en is een rijk vogelgebied. Her en der een alleenstaand huis met bloemen in de voortuin. De bewoners rennen zo het water in en 's winters glijden ze op de schaatsen makkelijk zomaar een eind weg. Het riet ruist voorzichtig in een heel licht briesje. Smalle roeiboten liggen in het water te wachten op een stil en zachtjes glijden door het rimpelloze water. Bijvoorbeeld naar de koeien die ter verkoeling met hun poten in het water staan. Vanaf de houten uitkijktoren kunnen we eindeloos ver kijken.

Haapsalu

naar boven

terug naar intro